Inleiding

Alhoewel de sterfte aan hart- en vaatziekten sterk is afgenomen de laatste decennia, overlijden een aanzienlijk aantal mensen aan hart- en vaatziekten: 39.000 mensen in 2012. Van hen stierf 6.195 als gevolg van een hartinfarct. In 2012 werden 29.678 mensen met een acuut hartinfarct opgenomen in het ziekenhuis te weten 20.025 mannen en 9.653 vrouwen. De gemiddelde leeftijd van mannen bij opname is 65 jaar en van vrouwen 71 jaar. Een hartinfarct is een levensbedreigende gebeurtenis. Deze gebeurtenis heeft in alle opzichten impact: lichamelijk, psychisch en sociaal. Driekwart van de hartpatiënten heeft last van psychische symptomen, symptomen van angst en symptomen van depressie. Hoe kan een patiënt weer vertrouwen krijgen in het leven en in zijn eigen lichaam? Hoe krijgt hij er weer grip op? Hoe kunnen patiënten zo goed mogelijk ondersteund worden?

In deze blauwdruk is gekozen voor de inzet van een allied professional of een gespecialiseerd verpleegkundige die de rol op zich neemt van zorgcoördinator in het post-infarcttraject. Met allied professionals worden bedoeld: verpleegkundig specialisten (VS) en physician assistants (PA). Zie ook bijlage 3 voor de positionering van de allied professional.

Ziekenhuizen doen veel om gedurende de korte opname de patiënt voor te bereiden op het naar huis gaan, het gebruik van medicijnen en indien van toepassing het gaan werken aan een gezonde leefstijl. Maar, zo kort na een acute gebeurtenis, is de patiënt nog niet zo ontvankelijk voor informatie. Hij wil naar huis en wil dat alles weer wordt als vanouds. Voorlichting, begeleiding en snelle doorverwijzing naar hartrevalidatie door een allied professional of gespecialiseerd verpleegkundige, is noodzakelijk na het ontslag. Zo wordt een eerste stap gezet naar empowerment en zelfmanagement.

Optimale afstemming in de zorg

De afstemming tussen zorgverleners kan volgens patiënten beter. Zo geeft bijna een derde aan soms of vaker tegenstrijdige informatie te ontvangen van verschillende zorgverleners en moet meer dan een kwart van de mensen vaak hetzelfde verhaal vertellen. Het is voor patiënten lang niet altijd duidelijk bij wie je moet zijn met welke vraag. Patiënten hebben behoefte aan een zorgverlener die functioneert als een spin in het web. Wat ook niet meehelpt, zijn de beperkte samenwerkings-afspraken tussen de eerste en tweede lijn. De allied professional als zorgcoördinator is hard nodig.

Kwaliteitsregistratie

Registratie van parameters ten behoeve van de kwaliteitsindicatoren is nog weinig ingebed in de cardiologische praktijk. Indicatoren zijn niet alleen voor de zorgprofessionals zelf van belang maar ook voor patiënten. Met indicatoren kan beoordeeld worden of kwaliteit wordt geleverd onder meer door zorgaanbieders onderling te vergelijken. Om een goede registratie te borgen zorgt de allied professional in dit project voor een volledige registratie van kwaliteit en uitkomstparameters. De allied professional draagt ook zorg voor de aanvoer van de gegevens naar de nationale databank NCDR en voor terugkoppeling van kwaliteitsanalyse naar de vakgroep (zie tevens bijlage 2).

Te weinig mensen volgen hartrevalidatie

Hartrevalidatie bij coronarialijden heeft veel gunstige effecten
(Multidisciplinaire Richtlijn Hartrevalidatie, 2011).

  • afname van de cardiale mortaliteit
  • toename van inspanningstolerantie
  • toename van myocardiale oxygenatie
  • verbetering van het cardiovasculaire risicoprofiel
  • toename van het zelfvertrouwen
  • afname van depressieve symptomen en angstsymptomen

Mede gezien deze effecten biedt hartrevalidatie een belangrijke basis voor de empowerment van patiënten. Uit een Nederlands observationeel onderzoek van de Vries kwam naar voren dat patiënten die hartrevalidatie kregen, gemiddeld een 35% lager risico hadden om binnen 4 jaar te overlijden. Dit effect trad op ongeacht leeftijd, diagnose, en type interventie. Het effect ligt aanmerkelijk hoger dan trials lieten zien (reductie van sterfte met 10-25%). Het is dus heel belangrijk dat patiënten hartrevalidatie volgen. De meeste mensen die een hartinfarct hebben gehad, komen in aanmerking voor hartrevalidatie. Uit onderzoek uitgevoerd door de Inspectie voor de Gezondheidszorg blijkt dat de instroom van geïndiceerde patiënten met een doorgemaakt hartinfarct bij ziekenhuizen met een eigen hartrevalidatieprogramma is toegenomen van 57% in 2009 naar 64% in 2012. De verwijspercentages van ziekenhuizen zonder hartrevalidatieprogramma zijn ook gestegen van 66% in 2010 naar 70% in 2012 volgens het rapport van de IGZ. Dit percentage is nog te laag, vindt ook de Inspectie. De allied professional of gespecialiseerd verpleegkundige kan patiënten hiertoe extra motiveren en stimuleren.

 

NVVC Connect